Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Archief

Publiekssamenvatting FJR 2008

Minister Bos van Financiën presenteert op 20 mei 2009 namens het kabinet het Financieel Jaarverslag van het Rijk (FJR) over 2008 aan de Tweede Kamer. Het FJR blikt terug op de economische en financiële ontwikkelingen in 2008 en laat de resultaten van het afgelopen begrotingsjaar zien. Het FJR gaat in op de gerealiseerde uitgaven en inkomsten en vergelijkt deze met de geplande uitgaven en verwachte inkomsten zoals die anderhalf jaar daarvoor in de Miljoenennota voor 2008 zijn gepresenteerd. Naast deze vooral financiële toelichting zijn de behaalde beleidsresultaten te vinden in de Verantwoordingsbrief die ook op Verantwoordingsdag aan de Tweede Kamer is aangeboden.

1. Kredietcrisis en economische ontwikkelingen in 2008

In 2008 heeft in Nederland een scherpe economische omslag plaatsgevonden die goed zichtbaar is in de kwartaalmetingen: over het laatste kwartaal van 2007 was er nog sprake van een economische groei van 1,6 procent BBP, terwijl de Nederlandse economie zich in het vierde kwartaal van 2008 officieel in een recessie bevindt en een krimp van 1 laat zien. Gemiddeld was er over 2008 sprake van 2,1 procent economische groei. Belangrijkste oorzaak van de omslag: de wereldwijde kredietcrisis en de doorwerking daarvan op de economie.

Wereldwijde financiële/krediet crisis

Wereldwijde financiële/krediet crisis
De kredietcrisis begon in 2007 op de Amerikaanse huizenmarkt en sloeg in 2008 over naar de rest van de wereld. Dalende huizenprijzen maakten terugbetaling van sub-prime hypotheken minder zeker. Daardoor nam ook de waarde af van de daarop gebaseerde complexe en ondoorzichtige financiële producten die over de hele wereld waren doorverkocht. Een kettingreactie op de financiële markten was het gevolg. De financiële onrust bleef niet beperkt tot de Amerikaanse hypotheken en gerelateerde complexe financiële producten, maar trof ook de internationale geldmarkten, obligatiemarkten en aandelenmarkten. Wereldwijd was in 2008 sprake van wegvallend vertrouwen in financiële instellingen, daalden de aandelenkoersen en konden financiële instellingen met moeite of alleen tegen zeer hoge kosten aan geld komen.

Kredietcrisis in Nederland
Ook Nederlandse financiële instellingen kregen zware klappen te verduren door hun blootstelling aan de Amerikaanse sub-prime markt en de wereldwijd dalende aandeelkoersen. De waarde van de aan de Amsterdamse beurs genoteerde aandelen is in een jaar tijd gehalveerd. In enkele gevallen beschikten Nederlandse banken over onvoldoende buffers om deze klappen zelf op te vangen. De Nederlandse Staat heeft op verschillende manieren moeten ingrijpen om het financiële stelsel gezond te houden, om de rust in de financiële wereld te helpen herstellen en zo de stabiliteit van het financiële systeem in Nederland te waarborgen.

Wereldwijde economische doorwerking
De ontwikkelingen op de financiële markten werkten in 2008 door op de wereldeconomie. In het tweede en derde kwartaal liepen de bestedingen wereldwijd al terug, was er minder vertrouwen bij consumenten en producenten en haperde de kredietverlening. Het uitbreken van de mondiale recessie raakte vooral eind 2008 de wereldhandel zeer sterk. In het dramatische vierde kwartaal nam de wereldhandel af met 4,25 procent ten opzichte van het daaraan voorafgaande kwartaal. Door de internationale verwevenheid werden alle delen van de wereld hard en snel geraakt.

Doorwerking Nederlandse economie
In het tweede en derde kwartaal kromp de economie in de eurozone en in Nederland licht. In het vierde kwartaal kromp de Nederlandse economie met 1procent, vooral door een sterke terugval in de export en investeringen. De consumptieve bestedingen bleven in Nederland in 2008 redelijk op peil, ondanks de vermogensverliezen bij huishoudens en het geringe consumentenvertrouwen. Wel was sprake van terugvallende bestedingen aan duurzame goederen. De arbeidsmarkt reageert meestal vertraagd op economische ontwikkelingen. In 2008 groeide het aantal banen, maar in het vierde kwartaal werd de doorwerking van de crisis al wel zichtbaar in een terugval van het aantal vacatures met 20 procent.

Naar boven

2. Financiële ontwikkelingen in 2008

Ontwikkeling financieel beeld (Nederland)
De overheidsfinanciën laten een gemengd beeld zien. Het EMU-saldo - ofwel het verschil tussen de inkomsten en uitgaven van de overheid - is gunstiger dan verwacht bij de Miljoenennota 2008. De EMU-schuld is juist fors hoger uitgevallen, vooral door de interventies in de financiële sector.

Bij de verschillende inkomstenposten en uitgavenposten waren er forse mee- en tegenvallers, maar de totale overheidsinkomsten zijn in lijn met de eerdere raming en de totale uitgaven zijn binnen de kaders (de vastgestelde maxima) gebleven. Over het geheel van de drie sectoren (Rijk, Sociale Zekerheid en Zorg) is er 100 miljoen minder uitgegeven dan verwacht.

EMU-saldo en ontwikkeling van uitgaven en inkomsten
Het EMU-saldo is in 2008 uitgekomen op 1,0 procent BBP en ligt hiermee 0,5 procent hoger dan de raming in de Miljoenennota 2008. Het bedrag aan meevallers lag hoger dan het bedrag aan tegenvallers. Zo zijn aan de uitgavenkant de rentelasten in 2008 lager uitgekomen dan voorzien. De staatsschuld waarover rente moest worden betaald, is weliswaar fors toegenomen, maar dat gebeurde pas in de laatste maanden van 2008. In de eerste kwartalen waren er juist meevallers doordat de overheid kon lenen tegen lager dan verwachte rentetarieven. Aan de inkomstenkant zijn de aardgasbaten hoger uitgekomen dan verwacht, vooral als gevolg van een stijging van de olieprijs in de eerste drie kwartalen van 2008.
Tegenvallers waren er ook: de uitgaven van lokale overheden, die meetellen voor het EMU-saldo, lagen in 2008 hoger dan verwacht. En doordat de economische groei over 2008 lager is uitgekomen dan de eerder verwachte 2,5 procent, zijn ook de belasting en premie-inkomsten van het Rijk lager uitgekomen dan geraamd. Tegenover hogere inkomsten, uit onder andere de vennootschapsbelasting en de energiebelasting, staan grotere tegenvallers bij andere belastingen. Zo is de omzetbelasting lager uitgevallen door een lagere particuliere consumptie (bestedingen, aankopen van consumenten) en lagere investeringen in woningen. De BPM en de overdrachtsbelasting zijn lager uitgevallen dan geraamd als gevolg van minder omzet aan nieuwe auto's en bestaande woningen en gebouwen.

Schuld fors hoger uitgevallen (door ingrepen in financiële sector)
De Nederlandse Staat was in de laatste maanden van 2008 genoodzaakt verschillende maatregelen te treffen en ingrepen te doen om het financiële stelsel gezond te houden en de rust in de financiële wereld te herstellen. De staatsschuld is met bijna 100 miljard euro toegenomen. Ruim 85 miljard hiervan hangt samen met de financiële transacties (deelnemingen, leningen en garanties financiële instellingen). In de Miljoenennota 2008 werd nog uitgegaan van een schuld van 45,0 procent BBP, terwijl de feitelijke EMU-schuld voor 2008 op 58,2 procent BBP is uitgekomen. Tegenover de hogere schuld staan uiteraard ook toegenomen financiële bezittingen (onderpand).

Naar boven

3. Budgettaire gevolgen ingrepen in financiële sector

De ingrepen in de financiële sector hebben gevolgen voor de overheidsfinanciën. Bij alle interventies is de Staat van mening dat overheidsingrijpen noodzakelijk was omdat het risico van niet ingrijpen te groot was. Niet ingrijpen had ook enorme kosten en risico's met zich meegebracht voor het financiële stelsel, de economie en de Staat. Door de kredietcrisis en de noodzakelijke ingrepen zijn de risico's voor de overheidsfinanciën toegenomen. Waar mogelijk is voor het overnemen van deze risico's een eerlijke premie in rekening gebracht en zijn de risico's voor de Staat door de gestelde voorwaarden zo goed mogelijk begrensd.
Het kabinet heeft in 2008 verder besloten de begrotingsregels zodanig aan te passen dat zowel alle uitgaven aan als de ontvangsten uit interventies in de financiële sector buiten het normale begrotingsproces om lopen en direct ten laste of ten gunste komen van de staatsschuld. Dit betekent dat indien er toekomstige inkomsten zijn uit deze ingrepen, de schuld daarmee wordt afgelost.

Overzicht budgettaire gevolgen financiële transacties in 2008 in miljoenen euro's
Verwerving deelneming Fortis/RFS /ABN AMRO

 

Deelneming Fortis 16.800
Verwerving belang RFS/ABN AMRO 6.540
Overbruggingskrediet Fortis 44.341
Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis - 500
Verstrekt kapitaal aan financiële instellingen (kapitaalversterkingsfaciliteit, 20 miljard) 13.750
ING 10.000
AEGON 3.000
SNS REAAL 750
Garantiefaciliteit interbancaire leningen (200 miljard) 2.740
Leaseplan 1.450
NIBC 1.290
IJsland en overige gevolgen

 

Uitkeringen Icesave depositogarantiestelsel 1.236
Rente staatsschuld 450
Uitvoeringskosten en inhuur externen 11
Totaal 85.368

Fortis
Ten eerste heeft de Staat alle Nederlandse activiteiten van Fortis (onder andere ABN AMRO) overgenomen. Dat was noodzakelijk om de financiële stabiliteit en continuïteit in Nederland veilig te stellen. In het kader van deze transactie is aan Fortis tegelijkertijd een overbruggingskrediet verleend, dat in 2009 wordt afgelost.

Kapitaalversterkingsfaciliteit
Hiernaast heeft de Staat een kapitaalversterkingsfaciliteit voor financiële instellingen van 20 miljard euro beschikbaar gesteld. Dit is bedoeld om te voorkomen dat fundamenteel gezonde financiële ondernemingen het slachtoffer worden van de gevolgen van de kredietcrisis. In 2008 hebben drie financiële instellingen, onder de gestelde voorwaarden, hiervan voor 13,75 miljard euro gebruik gemaakt. Met een extra financiële buffer konden ING, AEGON en SNS REAAL de huidige en toekomstige ontwikkelingen op de financiële markten doorstaan. De Staat heeft in ruil voor deze bedragen securities gekregen (die dezelfde kenmerken hebben als aandelen).

Garantieregeling
De Staat heeft ook de garantieregeling bancaire leningen ingesteld, waarmee tijdelijk, tot eind 2009, garanties aan banken kunnen worden afgegeven op zogenoemde senior unsecured loans (leningen zonder onderpand). Voor deze regeling is 200 miljard euro beschikbaar gesteld. De garantieregeling is in het leven geroepen om financieringsproblemen bij banken te ondervangen, die zijn ontstaan door een gebrekkig functioneren van de markt voor leningen zonder onderpand. De maatregel heeft als doel de financiering bij financiële instellingen weer op gang te brengen, zodat de kredietverlening aan bedrijven en particulieren gewaarborgd blijft. De bank betaalt voor de garantie een premie die afhankelijk is van de kredietwaardigheid van de bank. In 2008 is voor 2,74 miljard euro gebruik gemaakt van de regeling. Er zijn nog geen premies ontvangen in 2008.

Uitkeringen Icesave en overige posten
Uit hoofde van de depositogarantieregeling heeft een uitkering van 1,236 miljard euro plaatsgevonden aan depositohouders bij het Nederlandse bijkantoor van de IJslandse Bank Landbanski (Icesave). Dit gaat om een voorschot. Tevens is de dekkingslimiet van het depositogarantiestelsel verhoogd naar 100.000 euro. In het FJR is dit jaar extra informatie opgenomen over garantieregelingen en de bijbehorende risico's voor de Staat.

Naar boven

4. Tot slot

De huidige combinatie van financiële en economische malaise vraagt om voorzichtigheid met betrekking tot de overheidsfinanciën. Door de economische krimp nemen de belastinginkomsten af, terwijl de uitgaven aan bijvoorbeeld uitkeringen fors toenemen. Ook op langere termijn zijn de overheidsfinanciën kwetsbaar door de ingrepen en de daardoor toegenomen overheidsbelangen in de financiële sector. Deze ingrepen waren noodzakelijk omdat de financiële stabiliteit, één van de basispijlers onder onze economie en welvaart, in de gevarenzone was beland. Gevolg is wel dat de overheid nu voor de niet geringe opgave staat om de lange termijn gevolgen voor de overheidsfinanciën in het gareel te houden. Met het aanvullend beleidsakkoord heeft het kabinet op dit punt een aantal belangrijke stappen gezet, onder andere door duidelijke afspraken te maken over het herstel van de overheidsfinanciën en ook door structurele maatregelen op de middellange termijn te nemen. Deze noodzakelijke hervormingen dragen er aan bij dat collectieve voorzieningen ook in de toekomst betaalbaar blijven.


Naar boven

Meer informatie

Bekijk de volledige versie van verantwoordingsdag